Crossover: oma’s nasi vs chinese variant

Dit is mijn favoriete nasirecept die enerzijds wat heeft van het recept van wijlen oma en anderzijds heel veel heeft van ‘flied lice’ die ik regelmatig in China heb gehad. Het kenmerkt zich vooral door het garnalenaroma.

Bereidingstijd: ca. 30 minuten

Benodigdheden: 1 grote (wok) pan

Ingredienten:
3 a 4 koffiekoppen pandangrijst
1 kopje gedroogde garnalen (van de toko)
1 hand vol shiitake paddestoelen (of gedroogde chinese paddestoelen* van de toko)
2 tenen knoflook
1 chili peper
1 klein uitje
2 eieren
2 augurkjes
1 el 5 spices kruiden (van de toko)
ketjap
zonnebloem of sojaolie
zout

*vergeet deze voor gebruik niet eerst te weken

Kook eerst de rijst. De makkelijkste manier om rijst te koken is de rijstkoker.
Zet de pan op bijna laag vuur en doe er een grote scheut olie in (wees niet te zuinig!). Doe de garnaaltjes in de pan. Hak de knoflook en het uitje fijn of snijd het in flinterdunne plakjes en breek de chili peper in stukken en gooi dit in de pan. Zodra de ui glazig begint te worden schuif je de gehele inhoud van de pan aan de kant zodat je de twee eieren kunt bakken. Scramble de eieren zonder dat het mixt met de andere ingredienten. Mocht je het makkelijker vinden dan kun je de andere ingredienten ook even in een bakje doen en weer toevoegen als de eieren gaar zijn. Als de eieren gaar zijn voeg je de in blokjes gesneden shiitake en augurk toe en vervolgens de ‘five spices’. Roerbak het geheel nog voor 2 minuten. Als het goed is ruik je nu een krachtige en heerlijke geur. Inmiddels is de rijst gaar en kun je deze beetje bij beetje in de pan toevoegen terwijl je het flink doorroert. Doe hier een flinke scheut ketjap bij en roerbak het op bijna hoog vuur. Indien je het nodigt acht kun je nog wat olie toevoegen. Nu is de rijst mooi goudbruin en is het klaar om te serveren.

Morgen is het weekend. Weekend betekend tijd, veel tijd. Veel tijd om een zelfgemaakte pastasaus te bouwen en urenlang te laten pruttelen. Dat dus morgen!

20111007-105745.jpg